Dag 38 – Mogelijke onmogelijkheden

Lezen Johannes 14:2-14

 2 In het huis van mijn Vader zijn veel kamers; zou ik anders gezegd hebben dat ik een plaats voor jullie gereed zal maken? 3 Wanneer ik een plaats voor jullie gereedgemaakt heb, kom ik terug. Dan zal ik jullie met me meenemen, en dan zullen jullie zijn waar ik ben. 4 Jullie kennen de weg naar waar ik heen ga.’ 5 Toen zei Tomas: ‘Wij weten niet eens waar u naartoe gaat, Heer, hoe zouden we dan de weg daarheen kunnen weten?’ 6 Jezus zei: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand kan bij de Vader komen dan door mij. 7 Als jullie mij kennen zullen jullie ook mijn Vader kennen, en vanaf nu kennen jullie hem, want jullie hebben hem zelf gezien.’ 8 Daarop zei Filippus: ‘Laat ons de Vader zien, Heer, meer verlangen we niet.’ 9 Jezus zei: ‘Ik ben nu al zo lang bij jullie, en nog ken je me niet, Filippus? Wie mij gezien heeft, heeft de Vader gezien. Waarom vraag je dan om de Vader te mogen zien? 10 Geloof je niet dat ik in de Vader ben en dat de Vader in mij is? Ik spreek niet namens mezelf als ik tegen jullie spreek, maar de Vader die in mij blijft, doet zijn werk door mij. 11 Geloof me: ik ben in de Vader en de Vader is in mij. Als je mij niet gelooft, geloof het dan om wat hij doet. 12 Waarachtig, ik verzeker jullie: wie op mij vertrouwt zal hetzelfde doen als ik, en zelfs meer dan dat, ik ga immers naar de Vader. 13 En wat jullie dan in mijn naam vragen, dat zal ik doen, zodat door de Zoon de grootheid van de Vader zichtbaar wordt. 14 Wanneer je iets in mijn naam vraagt, zal ik het doen.

 Hoofdstuk 14 t/m 17 is de “Rede in de bovenzaal” en beschrijft wat Jezus heeft gezegd na de laatste maaltijd met zijn discipelen. Gesteld kan worden dat de situatie ronduit verwarrend moet zijn geweest voor de discipelen: Judas is plotseling vertrokken, Jezus zegt dat hij naar een plek gaat waar zijn leerlingen hem niet kunnen volgen en Jezus voorzegt de verloochening door Petrus. In die situatie neemt Jezus het woord..

 En aan de verwarring komt een eind! Jezus gaat niet weg om zijn leerlingen in de steek te laten, nee:  Wanneer ik een plaats voor jullie gereedgemaakt heb, kom ik terug. Dan zal ik jullie met me meenemen, en dan zullen jullie zijn waar ik ben (vers 3). Gelukkig maar! De leerlingen waanden zich naar alle waarschijnlijkheid in een onmogelijk positie. Misschien met hun gedachten alweer bij hun boot en oude beroep: rustig vissen en lekker buiten zijn. Einde verhaal van hun en Jezus samen. Das was ze wel duidelijk na de afgelopen uren.

 En dan deze bemoedigende woorden. Jezus gaat weg om een plek klaar te maken. Een plek met veel kamers. Dat klinkt alsof er een groot huis is. En dat bij God! Thuiskomen bij de Vader. Dat is wat Jezus voor ogen heeft met zijn leerlingen.

 Tomas – haantje de voorste – uit meteen zijn vraag (vers 5). Filippus valt hem even later bij als Jezus een antwoord geeft dat niet helemaal bevredigt (vers 8). Jezus lijkt op een ander niveau te praten dan de leerlingen. Tomas heeft niet door dat Jezus het heeft over de weg naar iets waarvan geen GPS coördinaten zijn: het is een geografisch onbekende (maar heerlijke) bestemming. Filippus is visueel ingesteld en ziet zo niet dat de personificatie van God voor zijn neus staat…

 Daarom legt Jezus met alle geduld en liefde nog een keer uit wat hij bedoeld. Het is mooi om te lezen als je het hele leven van Jezus al kent. Misschien ook wel duidelijke taal voor jou. Voor de leerlingen op dat moment was het nodig dat ze hoorden van de weg naar de Vader: het zoeken naar God eindigt in Christus! De majesteit van God toont zich het meest duidelijk in Christus: zowel in zijn leer als in zijn daden. Kijken naar Jezus is kijken naar God.

 Kijken naar Jezus kan bijna niet anders dan resulteren in vertrouwen. Helemaal met de bekende geschiedenis van de overwinning op de dood in ons achterhoofd. Jezus roept daartoe op: vertrouw op mij. Want dan zul je hetzelfde doen als ik.

 Sterker nog: niet hetzelfde, maar méér dan wat ik heeft gedaan zul je doen (vers 12). Ook al is Jezus weg: zijn leerlingen zullen met zijn kracht kunnen doen wat Jezus wil. Met als doel de glorie van God. De zichtbaarheid van God zoals Jezus die heeft laten zien zullen zijn leerlingen laten zien. En zelfs meer: namelijk over de hele wereld. Ook dat moet onmogelijk hebben geklonken in de ogen van de discipelen. Maar 2000 jaar later weten wij wel beter. En zij ook. Toekijkend uit een van de kamers, klaargemaakt door Jezus. Jezus die de regie had en heeft: tot hem mogen we bidden. In zijn naam mogen we bidden. Met de belofte dat hij zal doen wat we vragen.

 Om over na te denken:

  • Ben jij een leerling van Jezus? Verlang je naar thuiskomen bij God? Er is ook een kamer voor jou…
  • Zijn er in jouw leven onmogelijke situaties? Voel jij je wel eens zoals de leerlingen zich moeten hebben gevoeld?
  • Zou je mee willen werken aan het plan van Jezus om de hele wereld de glorie van God te laten zien? Hoe zie je dat voor je en welke taak is er voor jou?

 Gebedspunten:

  • Dank God voor de kracht die voor de kerk en voor jou beschikbaar is.
  • Bid God om het mogelijke te verwachten van Hem in onmogelijke situaties.

PC

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s